"Ik was in het begin sceptisch over Keer Diabetes2 Om, maar mijn mening veranderde al snel."
"In 2002, toen ik net veertig werd, werd bij toeval diabetes vastgesteld. Natuurlijk schoot ik eerst in de ontkenning: ik had nergens last van en ik voldeed toch aan mijn fysieke eisen? Ik at verstandig, niet te veel, koos magere producten en at tussendoor extra fruit. ’s Avonds een toastje en een glaasje wijn. Of twee, drie. De medicijnen die ik voorgeschreven kreeg, nam ik soms wel, soms niet in. Soms met water, vaker met wijn. Mijn manier van ontkenning. De grootste miskenning was echter het ontkennen van de sluipmoordenaar die diabetes is: het gaat niet zozeer om nu, maar veel meer om straks.
Na zes maanden in Irak te hebben gediend, en geen alcohol te hebben gedronken, waren mijn waarden voor het eerst in jaren wel oké. Ik besefte toen dat voeding invloed heeft. Maar al snel viel ik weer terug in mijn oude gewoonten. Als de waarden stegen, kreeg ik gewoon een hogere dosering of een extra pilletje. Tot het moment dat mijn HbA1c een consequent stijgende lijn vertoonde en bijna 90 was. Mijn praktijkondersteuner had een indringend gesprek met me: "Begrijp je wel de gevolgen van deze ongezonde tendens? Dat ook pilletjes geen soelaas meer zullen bieden en ik aan de insuline zou moeten… Ik moest toch echt mijn leefstijl gaan aanpassen!
Via mijn praktijkondersteuner kwam ik in aanraking met het programma Keer Diabetes Om (KDO). Ik moest papieren invullen en toestemming geven om mee te doen. Daar vond ik wat van. Bovendien verdiepte ik mij in het programma en alles wat ik las was positief. Dat maakte me achterdochtig…
Ik toog naar Austerlitz voor de start tweedaagse. Ik was sceptisch: allerlei in mijn ogen zweverige praatjes en eten waarvan ik in eerste instantie dacht: “bah”. En in tweede instantie: veel te veel werk. Bovendien mocht ik veel dingen niet eten die ik heel lekker vond. Toch vond ik dat ik het moest proberen: verstandiger eten, drie maaltijden per dag (dus niet snacken, geen frisdrank, geen alcohol) en alleen dat eten wat mijn oma (geboren in 1894) zou herkennen. Etiketten leren lezen, verstandige menu’s uitzoeken. Mijn gezin min of meer dwingen mee te doen. En dat terwijl ik nog voorraden had. De gebruikelijke smoesjes waren mij niet vreemd.
De geleverde recepten waren verrassend eenvoudig en lekker. De ingrediënten waren makkelijk te verkrijgen, en de kosten vielen mee omdat ik veel dingen niet meer kocht. Ik werd strikt: zelfs een blokje kaas op de markt liet ik liggen. Tegelijkertijd ging ik eenmaal per week naar een kroeg om de lekkerste biertjes te drinken. En verder hield ik me aan alles. Langzaam vond mijn gezin een modus: soms aten ze mee, soms vulden ze zelf aan met rijst, pasta of aardappelen.
Na tweeëneenhalve maand volgde de eerste controles. Bericht van mijn praktijkondersteuner: Bij deze uw resultaten: spectaculair resultaat (!). De Hba1C was onder de 42 gedaald!
Was het moeilijk? Ja en nee. Het eten is nu lekkerder, het is geen straf. Ik ben wel strikt in het aantal maaltijden en de tussendoortjes: die sla ik gewoon over. Soms geef ik toe met kaas en nootjes als snack. Maar achteraf denk ik steeds: waarom eigenlijk? Het voegt niets (meer) toe. Mijn wekelijkse biertje(s) laat ik echter niet staan. Het is bemoedigend om de metingen te volgen: je ziet resultaat en weet waarvoor je het doet. Ik ben 15 kg kwijtgeraakt en 13 cm tailleomvang verloren. Dat scheelt maten in je kleding. Kortom: ik ben happy dat mijn praktijkondersteuner mij het licht heeft laten zien."