Janou Houben

Janou Houben

Blog Keer Diabetes Om

Ben jij een zoetekauw?

Je avondeten is op. Je hebt genoeg gehad, maar voor een zoet toetje lijkt altijd ruimte. Een koekje bij de koffie blijft zelden liggen. En die zak drop in de kast? Voor je het weet, is hij leeg. Herkenbaar? Dan ben je misschien een echte zoetekauw. Een voorkeur voor zoet heeft in principe iedereen. Dit is aangeboren. Voor onze voorouders kon een zoete smaak wijzen op een energierijke voedselbron. Maar waarom is de één toch meer een zoetekauw dan de ander? 

Ten eerste spelen genen een rol. Ze bepalen voor een deel hoe sterk je zoet proeft en waar je omslagpunt ligt: sommige mensen blijven zoet steeds lekkerder vinden naarmate het zoeter wordt, terwijl anderen op een gegeven moment echt genoeg hebben. Genen zijn dus een stuk van de puzzel, niet het hele verhaal.

Ook speelt je beloningssysteem mee. Vind je iets lekker, dan worden hersengebieden actief die met beloning en motivatie te maken hebben. Dopamine speelt daarbij een sleutelrol: het koppelt zoet aan een prettig gevoel, waardoor je het sneller weer wilt. Hoe sterk dat werkt, verschilt per persoon: deels aangeboren, deels doordat vaker zoet eten dit patroon versterkt.

En vanaf jonge leeftijd leert je brein wat eten voor jou kan betekenen. Wat stond er thuis op tafel? Hoorde taart en veel zoetigheid bij feestjes? Kreeg je iets lekkers als je verdrietig was? Zo werd zoet een gewoonte of raakte het verbonden met gezelligheid of troost. Deze vroege gewoonten en ervaringen vormen mede je zoetbehoefte later in je leven. 

Ook van belang is wat je  gedurende de dag eet en hoe je lichaam daarop reageert. Veranderingen in je bloedglucose kunnen bijvoorbeeld je honger en eetlust beïnvloeden: bij een sterke schommeling wordt energierijk, zoet voedsel al snel aantrekkelijker. 

Tenslotte vergroten slecht slapen en stress je trek in zoet, onder andere via hormonen die je eetlust en beloningsgevoel sturen. 

Ondanks dat je dus een zoetekauw kan zijn, lijkt het erop dat je deze voorkeur wel kan beïnvloeden. Wil je het zelf uitproberen? Kies een tijd lang bewust voor minder zoete producten. Bij sommige mensen verschuift de smaak dan mee. Ook als je voorkeur niet meteen hierdoor verandert kun je wel invloed blijven uitoefenen op hoeveel zoet je eet. Eet bijvoorbeeld maaltijden rijk aan groenten, eiwitten en gezonde vetten en voorkom hongerpieken. Zo verklein je de kans dat je onbewust naar zoet grijpt. Slaap voldoende, beperk stress en houd zoet uit het zicht. Ons eetgedrag staat niet in steen geschreven.