"Je kunt met voeding en leefstijl altijd gezondheid toevoegen aan ziekte”

Na een lange carrière waarin hij een brug sloeg tussen farmacologie, voeding en wetenschap, is hij sinds maart met pensioen. Al voelt dat woord voor hem niet helemaal passend. Stilzitten is er namelijk niet bij. Zijn passie om impact te maken is nog niet gedoofd. Hij blijft deels verbonden aan de Wageningen Universiteit, gaat zich nog meer inzetten voor stichting Voeding Leeft en kijkt vooral ook uit naar meer tijd voor alles wat hem energie geeft: buiten zijn, fietsen, tuinieren, lezen en bijdragen aan een gezondere wereld. We spraken Renger Witkamp over zijn loopbaan, idealen en waarom hij gelooft dat je, ook wanneer je ziek bent, nog altijd gezondheid aan je leven kunt toevoegen.

Renger, sinds maart mag je jezelf pensionado noemen. Voel je je ook zo?
"Ik ben nu met pensioen, maar ik stop zeker nog niet met werken. De komende jaren wil ik me richten op positieve impact maken. Ik krijg nu bijvoorbeeld meer tijd voor mijn werk bij Voeding Leeft, waar ik als bestuurder betrokken ben. Mijn handen jeuken om nog veel meer impact te maken met leefstijlzorg. Ook blijf ik betrokken bij de Wageningen Universiteit. Ik begeleid daar nog promovendi, ondersteun collega's, geef af en toe onderwijs en doe advieswerk. Dat blijf ik doen, dat vind ik gewoon ontzettend leuk. Wel krijg ik meer vrije tijd. Daardoor krijg ik ruimte voor dingen die er jarenlang bij inschoten. Sporten bijvoorbeeld en lezen. Ik heb een fascinatie voor onze Nederlandse geschiedenis. Niet alleen de grote gebeurtenissen, maar juist de geschiedenis van gewone mensen, van families of een dorp. Hoe leefden mensen vroeger? Dat vind ik ontzettend interessant. Er ligt nog een behoorlijke stapel boeken op me te wachten. Liefst lees ik in ons vakantiehuis in Drenthe. Daar kan ik ook lekker veel buiten zijn. Voor mijn pensioen zat ik veel te veel binnen!"

Je begon ooit als bioloog. Hoe groeide de interesse voor voeding?
"Mijn studie biologie combineerde ik al snel met farmacie. Ik promoveerde bij de faculteit Diergeneeskunde in Utrecht en werkte daar een aantal jaar met ontzettend veel plezier. Toen kwam ik op een kruispunt in mijn carrière. Blijf ik hier in dit vakgebied, of ga ik iets nieuws doen? TNO kwam op mijn pad en daar ontstond mijn fascinatie voor voeding. Ik kon mij op het snijvlak van farmacologie en voeding ontwikkelen. Toen de Wageningen Universiteit iemand zocht die beide werelden begreep, kwam alles mooi samen.De combinatie van voeding en farmacologie leek in die tijd veelbelovend. Er werd gedacht dat deze twee werelden steeds meer naar elkaar toe zouden groeien en elkaar versterken. Ze gaan allebei over gezondheid. Toch is dat niet gebeurd. De belangen zijn anders, de wetenschap wordt anders bedreven en ook de manier van denken verschilt enorm.”

Je bent altijd een groot pleitbezorger geweest van voeding als serieuze wetenschap. Waarom?
"Toen ik begon, werd voeding door veel mensen nog gezien als iets alternatiefs. Gelukkig is dat beeld de afgelopen jaren enorm veranderd. Voeding is inmiddels erkend als volwaardige wetenschap. Uiteraard kun je niet iedere ziekte genezen, maar je kunt met voeding (en andere leefstijlzorg) vrijwel altijd gezondheid toevoegen aan ziekte. En eerlijk gezegd doen veel medicijnen ook niet altijd méér dan dat. Het lastige aan de vergelijking tussen voeding en medicijnen is dat we nog steeds met twee maten meten. Bij medicijnen nemen we bijna standaard aan dat hun werking en toepassing evidence-based zijn. Toch is bijvoorbeeld het voorschrijven van een hele cocktail aan pillen aan ouderen vooral gebaseerd op praktijkervaring. Zodra het gaat over leefstijl of voeding, moet je soms overdreven uitgebreid aantonen dat dit werkt en hoe dit werkt. En daarbij lange termijn effecten laten zien over 4 of zelfs 10 jaar. Waarom zijn we zo kritisch op gezond leven? Dat blijft me verbazen. De laatste jaren komt er gelukkig steeds meer aandacht voor leefstijl als serieus onderdeel van de gezondheidszorg. Het is de hoogste tijd.”

Je bent actief geweest in zowel de academische wereld als de praktijk. Hoe kunnen die twee elkaar beter vinden?
"Ik denk dat de grootste uitdaging nog steeds bij de academische wereld ligt. Die kan nog teveel in de ivoren toren blijven hangen. Wetenschappers spreken niet altijd de taal van de praktijk. Juist daarom vind ik organisaties als Voeding Leeft zo belangrijk. Zij hebben laten zien dat je maatschappelijke impact kunt maken én daar een gezond businessmodel onder kunt zetten. Dat is slim en noodzakelijk. Uiteindelijk heb je elkaar nodig om echt impact te maken."

Voeding Leeft heeft in de loop der jaren ook moeilijke momenten gekend. Wat heb jij daarvan geleerd?
"Dat je altijd je idealen moet blijven volgen en nooit moet opgeven. Voeding Leeft heeft inderdaad momenten gekend waarop het heel spannend was of de organisatie zou blijven bestaan. Maar juist doordat mensen bleven geloven in het doel, en überhaupt bleven, is het gelukt. Je hebt idealisten nodig als je een missie hebt. Mensen die net zo gepassioneerd en onbaatzuchtig geloven in jouw idee. Tegelijkertijd heb je de ervaring nog van ondernemers met hart voor mens en maatschappij. Mensen zoals Rob Baan, die zorgen dat ideeën werkelijkheid worden. Juist die combinatie maakt het sterk."

Waar gaat jouw vuurtje echt van branden?
"Van mensen. Natuurlijk streven we naar zoveel mogelijk gezondheidsverbetering, maar ik als zie dat iemand zich beter voelt is dat al de eerste gezondheidswinst. Daar krijg ik energie van. Ik word blij van alles wat de wereld menselijker maakt. Misschien heb ik daarom ook moeite met het idee dat iedereen vooral voor zichzelf zou moeten zorgen. Ik geloof veel meer in samen. Uiteindelijk zijn we verantwoordelijk voor elkaar."

Als je morgen één ding in de wereld zou mogen veranderen, wat zou dat zijn?
"De enorme verschillen tussen arm en rijk. Ik vind het moeilijk te bevatten dat sommige mensen miljarden bezitten, terwijl anderen van een paar euro per maand moeten leven. Natuurlijk mogen mensen succesvol zijn en goed verdienen, maar ergens zit een grens. 

Ik denk dat veel maatschappelijke problemen zouden afnemen als die verschillen kleiner waren. Ook gezondheid heeft daar alles mee te maken. Inkomensonzekerheid is nog steeds een van de belangrijkste voorspellers van een ongezond leven."

Hoe ziet jouw eigen leefstijl eruit?
"Ik probeer gezond te eten en veel te bewegen. Nu ik meer tijd heb, lukt dat ook beter. Maar ik ben zeker niet perfect. Tijdens drukke periodes merk ik dat ik een echte stresseter ben. Dan krijg ik zin in zoete dingen, chocolade of taart met slagroom bijvoorbeeld, of juist hartige hapjes zoals kaas. Ik ben ook maar een mens.

Ik geloof niet in verbieden. Eten moet vooral lekker zijn en je moet ook kunnen genieten. Af en toe een biertje? Prima. Het gaat uiteindelijk om de balans. Juist doordat ik zelf ervaar hoe lastig leefstijl soms kan zijn, begrijp ik ook beter waar anderen tegenaan lopen.."

Als je opnieuw aan je carrière zou beginnen, zou je dan iets anders doen?
"Waarschijnlijk niet, behalve de dingen waarvan je je ook vaak snel realiseert dat ze echt dom waren. We denken vaak dat we ons leven helemaal zelf sturen, maar zoveel keuzes ontstaan doordat je toevallig iemand ontmoet of op een bepaald kruispunt terechtkomt. Natuurlijk heb je een stip op de horizon, maar de route daarnaartoe loopt zelden zoals je vooraf bedenkt.

Mijn doel is nooit geweest om rijk te worden. Uiteindelijk wil je vooral een betekenisvol en gelukkig leven leiden. Als ik iets heb geleerd, dan is het dat je beter kunt leven vanuit een paar eenvoudige principes: Heb iets over voor een ander. Alleen afzien is zeker niet de bedoeling, maar moeite doen loont. Dat geldt zowel voor het bereiken van doelen als voor je gezondheid.”

RengerWitkamp